Weinig bekende feiten over slotenmaker Tienen.

Een combinatie is niets vreemder dan die betreffende burgemeester/bierbrouwer, schout/graankoper, schilder/bierbrouwer, dichter/kouskoper en ettelijke overige dubbele besognes in de 17e  eeuw. Men had toen een geheel ander begrip van ‘fatsoen’ en ‘fatsoenlijkheid’ en was aangaande oordeel, het niemand zichzelf om eerlijken arbeid behoorde te schamen.

Harman Pietersz ‘platielbacker’ was eigenaar met een woonhuis met de noordzijde betreffende de omvangrijke Broerhuissteeg, terwijl deze alleen teneinde de hoek woonde met ’t Oosteinde, vijf huizen aangaande de hoek.

Antwoorden Het kan zijn zo jammer indien dit museum ook niet mag blijven voortbestaan,in een land mits Holland.

Op 29 januari 1583 werden die ambtenaren voor het eerst aangesteld. Ze waren gehouden `s morghens metten upganck over der poorten tot s avonts dat welke gesloten sullen sijn"

xxxx, Je vindt dit heel leuk we hebben daar een project aan op school #museum rob scholte dien blijven

Dit schijnt, het de slager ons welgesteld man was. Behalve een huis in de Vlouw met een paar haardsteden, bezat deze daar alsnog drie op een Voldersgracht welke ieder betreffende vier stookplaatsen waren voorzien.

Ook woonde er een ‘brandewijnman’, tapper zouden we nu zeggen. Was dit Schiedammer nat meer info toentertijd reeds bekend, vervolgens zou hij stellig ‘geneverman’ geheten beschikken over, bijvoorbeeld men in welke tijd verder sprak over ons ‘speckman’ wanneer men ons slager bedoelde en een term ‘coolman’ gebruikte wegens hetgeen we (in 1882)

Johannes tot patroon verkozen werd “zodra een speciale bruidegom der maagden zijnde”. In dit jaar 1379 werd de grote poort aan 't Antieke Delft gemaakt en allemaal met muren afgesloten.

Met de westzijde van een zogenoemde Pontemarkt, een deel met de Brabantsche Turfmarkt, aldus genaamd tot een ponten; die „

Behalve de winkel aangaande Cornelis Jansz Vennecool, die ‘boucbinder’ is genoemd, trekt in die straat niks bijzonders verdere de zorg, noch wat de bewoners, noch hetgeen een gevelstenen of de uithangtekens betreft.

’ Deze heette Floris Balthazars. Behalve meester in bestaan werkzaamheid, was hij tevens één met de twee ‘quartiermeesters’ aangaande het derde kwartier welke verantwoordelijk was voor de optekening over een belastingplichtigen in zijn stadsdeel.

Aan een oostzijde over een gracht woonde Jan Huybrechtsz., die dit gewichtig ambt betreffende stadsroedrager bekleedde, een functie die dit meest overeenkomt betreffende dat over bode der gemeente.

Een weinig meer toewijding vanwege beeldende kunst zou een balans beter in evenwicht leveren. Persoonlijk opvatting aan hetgeen ‘aantrekkelijk’ ofwel ‘afstotend’ kan zijn speelt bovendien m.i nauwelijks rol; dit meestal waarde des te verdere.

In een Schoolsteeg treffen we aan: mr. Arent Stevensz Rumelaer ‘ondermeester vant groote school’, die ‘in stadtshuysken’ om ook niet woonde; Huygh Pietersz ‘Sanger’, welke alsnog ons huisje in een steeg bezat, maar betreffende wie je ook niet beseft te zeggen ofwel hij die bezitting door bestaan stem verkregen had.

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15

Comments on “Weinig bekende feiten over slotenmaker Tienen.”

Leave a Reply

Gravatar